Bezoek aan de “The History and Culture of Taiwan Ethnic Minorities” Tentoonstelling in Beijing Deel 1

Gepubliceerd op zondag 27 december 2009 door Tycho

taiwan_0

Vandaag was het tijd voor een bezoek aan de “The History and Culture of Taiwan Ethnic Minorities” tentoonstelling in het Cultural Palace of Nationalities aan Chang’an Avenue in Beijing. De tentoonstelling beoogt een overzicht te geven van de geschiedenis en cultuur van imheemse Taiwanese indianenvolken die al eeuwen op het eiland woonden voor den dexelse Hollanders vanaf 1624 begonnen met het importeren van vastelandchinezen die toen bleven.

De minderheden zijn: de Amis, de Saisiyat, de Atayal, de Bunun, de Sediq, de Puyuma, de Rukai, de Paiwan, de Tsou, de Kavalan, de Sakizaya, de Yami, de Thao en de Truku. Met de Baiwan heb ik ervaring, zo eentje woonde een tijd in Beijing, een lieve meid, ze heeft nog eens aan mijn lul gezogen. Op de eerste plaat een schone vrouw van de Rukai met kind en moeder.

taiwan_1

Het was een stralende dag met een helblauwe hemel, de gevel van het het Culural Palace of Nationalities was weer fraai opgedirkt met grote platen van de indianen en enige zeegezichten.

taiwan_2

In de welkomsthal stond een fraaie wachttoren. De planten waren op deze tentoonstelling allemaal echt, hoogst uitzonderlijk in China, en, zo zullen wij zien, hoogst ongelukkig.

taiwan_3

Net na mijn binnekomst begon de band, zo’n welkom zie ik graag. Vier meisjes waren het koor en ene de solo, er was ook een gitarist maar die verstopte zich achter de meisjes om naar hun kontjes te kunnen kijken, de rest van de muziek kwam van een cd. De meisjes zongen oude Taiwanese stamliederen over de bergen, de vogels, de zee en een mythische vis.

taiwan_4

Zeer slordig, dat hadden houten sandaaltjes moeten zijn.

taiwan_5

Een overzicht van de eerste zaal. Grote delen van de ruimte bleven ongebruikt. De pilaren waren omgeven door lichtgevende platen van berg en zeegezichten. Luidsprekers braakten klassiek-oorspronkelijke Taiwanese jengelmuziek, piep piep dit en piep piep dat.

taiwan_6

Een vissersboot van de Bunun, aan het lijntje rechtsachter droogden neppe visjes. De kleuren op de boot moesten de schipper en zijn matrozen geluk brengen bij de vangst.

taiwan_7

Een vissersvlot voor vissen in niet al te diepe wateren, zo met het net in de stabielisatoren lijkt het ding mij snel uit evenwicht.

taiwan_8

Achterin de zaal stond een groot platscherm in een zwaar houten omlijsting. Het scherm liet traditionele dansjes zien van de Thao, een clubje oude van dagen danste arm en arm voor een soort wijkcentrumgebouw.

Alle Taiwanese indianenstammen bij mekaar tellen slechts 458.000 zielen, een kleine twee procent van de bevolking. Iedere stam brabbelt weer zijn eigen taaltje en kan zijn eigen dansjes. De talen sterven hard uit, veel van de jongeren spreken het niet meer. M’n Paiwaneesje kon het nog wel en leerde me wat woordjes die ik ben vergeten.

taiwan_9

De echte planten voor het scherm werden niet goed gewaterd. De tentoonstelling was slechts drie dagen open en nu al zakten de stengeltjes omlaag. Een schandaal.

taiwan_91

Een artefact van de Kavalan, het beeldt een zonnegod die waakt voor een goede oogst.

taiwan_92

De man in het rode hes is een verteller, deze lui lopen tegenwoordig op iedere tentoonstelling rond. Ze dragen een microfoon en een kleine luidspreker die altijd op z’n hardst staat. Voor nop vertellen vertellers wat er nu eigenlijk allemaal te zien en, en waarom. Een goed verteller trekt immer een drom Chinezen die na het rondje door de zaal spontaan applaudiseren en verteller vriendelijk bedanken voor zijn verhaal.

taiwan_93

Een moede oude vrouw, en het was pas de eerste zaal!

taiwan_94

Een kekke handtas van de Atayal gemaakt volgens de eeuwenoude handtasmaakkunde. Heel klein, mat maar zo’n tien bij vijf, maar vrouwdieren kunnen daar toch altijd een vuilnisbelt in kwijt.

taiwan_95

Ook van deAtayal, een houten plaat om vis te bereiden. Met de spatel, visvormig zodat de kokkin wist welk keukenatribuut zij moest gebruiken, diende om kleine graatjes aan stukken te slaan.

taiwan_96

Na die eerste zaal rende ik rap een trap op, ik ken het museum goed en verwachtte boven meer gekheid maar beide zijzalen bleken leeg, het was dus niet een erg grote tentoonstelling, het benne natuurlijk ook kleine volkjes allemaal. Op het schilderij het Potala paleis in Lhasa, Tibet, men was het denkelijk vergeten weg te halen na een vorige tentoonstelling.

taiwan_97

Een der lege zijzalen, leegte is mooi maar die planten niet! Supposten hadden de helemaal dode maar vast uit de tentoonstellingszalen gehaald en hier aan hun lot overgelaten! In plaats van de planten op te tillen, naar boven te brengen en weer neer te zetten had men hen beter kunnen wateren. Schandalig schandalig.

taiwan_98

Ik rende via een andere trap weer terug naar benee en langs de treden stonden nog veel meer echte planten die bijna dood waren. Dit zijn nog vetplanten ook, hebben niet veel water nodig, toch kurkdroog en de bladluizen sprongen meters in de lucht, wat een feest hadden die beesten daar. Neukende platiek schoteltjes, zonder iemand die watert hebben die toch geen zin!

taiwan_99

Gelukkig vond ik toen snel de tweede zaal, deze plaat is vast een voorproef, binnenkort snel meer in Deel 2.

Reageer op dit bericht